Wat is een fiscale eenheid voor de omzetbelasting?

Een fiscale eenheid btw laat twee of meer ondernemers die financieel, organisatorisch en economisch met elkaar verweven zijn als één ondernemer optreden voor de omzetbelasting (artikel 7, vierde lid, Wet OB 1968). Onderlinge prestaties blijven buiten de heffing en de eenheid doet één gezamenlijke btw-aangifte.

Verzoekbrief met verwevenheidsmotivering in Word en PDF, € 49 excl. btw

Hoe werkt het?

Binnen de fiscale eenheid worden onderlinge leveringen en diensten niet met btw belast. De eenheid treedt naar buiten op als één ondernemer en dient één gezamenlijke btw-aangifte in. Dat vereenvoudigt de administratie en voorkomt btw-druk op niet-aftrekbare interne prestaties (bijvoorbeeld bij vrijgestelde prestaties of een holdingstructuur).

De fiscale eenheid bestaat van rechtswege zodra aan de drie verwevenheden is voldaan. Een beschikking van de inspecteur legt de eenheid formeel vast en geldt voor de toekomst.

Voorwaarden voor een fiscale eenheid btw

Een fiscale eenheid voor de omzetbelasting ontstaat als aan alle onderstaande voorwaarden tegelijk wordt voldaan (artikel 7, vierde lid, Wet OB 1968):

  1. 1.Financiële verwevenheid: meer dan 50% van de aandelen, inclusief de zeggenschap, van elk lid is direct of indirect in dezelfde handen.
  2. 2.Organisatorische verwevenheid: de ondernemingen staan onder één overkoepelende leiding, of de ene leiding is feitelijk ondergeschikt aan de andere.
  3. 3.Economische verwevenheid: de ondernemingen hebben in hoofdzaak hetzelfde economische doel, of verrichten in belangrijke mate aanvullende activiteiten voor elkaar (niet-verwaarloosbare onderlinge prestaties).
  4. 4.Ondernemer en in Nederland gevestigd: elk lid is ondernemer voor de omzetbelasting en in Nederland gevestigd, of neemt deel via een Nederlandse vaste inrichting.
  5. 5.Ten minste één rechtspersoon: minimaal één lid is een rechtspersoon (bv, nv, cv, coöperatie, owm, stichting of vereniging).

Twijfelt u of uw groep voldoet? Controleer de verwevenheid met onze tool en stel direct de verzoekbrief op.

De drie verwevenheden

Artikel 7 lid 4 Wet OB 1968 vereist dat de ondernemers financieel, organisatorisch én economisch verweven zijn. De drie voorwaarden zijn cumulatief.

Financiële verwevenheid

Meer dan 50% van de aandelen, inclusief de zeggenschap daarover, van elk van de ondernemingen berust direct of indirect in dezelfde handen. Bij een stichting of vereniging zonder aandelen blijkt dit uit een vergelijkbare zeggenschap (bestuur en statuten).

Organisatorische verwevenheid

De ondernemingen staan onder één overkoepelende leiding die als eenheid functioneert, of de leiding van de ene onderneming is feitelijk ondergeschikt aan die van de andere. Dezelfde bestuurders versterken dit.

Economische verwevenheid

De ondernemingen hebben in hoofdzaak hetzelfde economische doel (bijvoorbeeld dezelfde klantenkring), of ze verrichten in belangrijke mate aanvullende activiteiten voor elkaar met niet-verwaarloosbare onderlinge prestaties (HR BNB 2014/7).

Meer over de toets leest u in Verwevenheid bij de fiscale eenheid btw.

Wie kan deelnemen?

  • Elke ondernemer voor de omzetbelasting kan deelnemen, ook eenmanszaken, vof, maatschap en stichtingen.
  • Alle leden zijn in Nederland gevestigd, of nemen deel via een Nederlandse vaste inrichting.
  • Ten minste één lid is een rechtspersoon (bv, nv, cv, coöperatie, owm, stichting of vereniging).
  • Een zuivere houdster die zich niet moeit in het beheer is in beginsel geen ondernemer en kan niet zelfstandig worden opgenomen.

Gevolgen en aandachtspunten

  • Onderlinge leveringen en diensten zijn niet met btw belast; de eenheid doet één gezamenlijke aangifte.
  • De eenheid bestaat van rechtswege; beoordeel of zij feitelijk al over verstreken tijdvakken bestond.
  • Hoofdelijke aansprakelijkheid voor de btw van de eenheid (artikel 43 Invorderingswet 1990).
  • Meld toetreding, gedeeltelijke verbreking of beëindiging aan het belastingkantoor.

Lees meer: Fiscale eenheid btw van rechtswege.

Hoe stelt u het verzoek op?

Anders dan bij de VPB-eenheid is er geen officieel Belastingdienstformulier. U stelt een verzoekbrief op waarin u de drie verwevenheden onderbouwt en de inspecteur om een beschikking vraagt. Onze tool stelt die brief voor u op, met een verwevenheidsmotivering, in Word en PDF.

Lees de stap-voor-stap uitleg in Fiscale eenheid btw aanvragen: zo werkt het.

Twijfelt u tussen btw en VPB? Lees Fiscale eenheid VPB of btw: wat is het verschil?.

Voordelen en nadelen

Een fiscale eenheid btw bespaart btw op onderlinge prestaties en levert één gezamenlijke aangifte op. De belangrijkste nadelen zijn de hoofdelijke aansprakelijkheid en de werking van rechtswege, ook over verstreken tijdvakken. Weeg beide af voordat u de eenheid laat vastleggen.

Voordelen

  • Onderlinge leveringen en diensten blijven buiten de btw-heffing.
  • Eén gezamenlijke btw-aangifte voor de hele eenheid, dus eenvoudiger administratie.
  • Voorkomt btw-druk op interne prestaties, bijvoorbeeld bij vrijgestelde prestaties of een holdingstructuur.
  • Te betalen en terug te vragen btw worden binnen de eenheid met elkaar verrekend.

Nadelen en aandachtspunten

  • Hoofdelijke aansprakelijkheid: elk onderdeel is aansprakelijk voor de btw-schuld van de hele eenheid (artikel 43 Invorderingswet 1990).
  • De eenheid ontstaat van rechtswege, dus mogelijk bestond zij al over verstreken tijdvakken, met gevolgen voor eerdere aangiften.
  • Toetreding, gedeeltelijke verbreking en beëindiging moet u melden bij het belastingkantoor.
  • Eén btw-identiteit naar buiten, dus minder flexibiliteit per afzonderlijke vennootschap.
Veelgestelde vragen

Vragen over de fiscale eenheid btw

Moet ik een fiscale eenheid btw aanvragen of ontstaat die vanzelf?

De fiscale eenheid omzetbelasting ontstaat van rechtswege zodra de ondernemers financieel, organisatorisch en economisch verweven zijn (art. 7 lid 4 Wet OB 1968). U vraagt de Belastingdienst om een beschikking die de eenheid formeel vastlegt; die geeft zekerheid over de tenaamstelling en de aansprakelijkheid en geldt voor de toekomst.

Wat zijn de drie verwevenheden?

Financiële verwevenheid: meer dan 50% van de aandelen, inclusief zeggenschap, van elk lid is direct of indirect in dezelfde handen. Organisatorische verwevenheid: er is een gezamenlijke, overkoepelende leiding of ondergeschiktheid. Economische verwevenheid: de ondernemingen hebben in hoofdzaak hetzelfde economische doel, of meer dan 50% complementaire activiteiten met niet-verwaarloosbare onderlinge prestaties.

Welke rechtsvormen kunnen deelnemen?

Elke ondernemer voor de omzetbelasting die in Nederland is gevestigd (of een Nederlandse vaste inrichting heeft) kan deelnemen, ook eenmanszaken, vof, maatschap en stichtingen. Ten minste één van de leden moet een rechtspersoon zijn (bv, nv, cv, coöperatie, owm, stichting of vereniging).

Wie is aansprakelijk voor de btw-schulden?

Zodra de fiscale eenheid bij beschikking is vastgesteld, zijn de onderdelen hoofdelijk aansprakelijk voor de omzetbelasting van de eenheid (artikel 43 Invorderingswet 1990).

Wat is het verschil met de fiscale eenheid VPB?

Het zijn twee aparte regimes. De btw-eenheid berust op verwevenheid (art. 7 lid 4 Wet OB 1968) en ontstaat van rechtswege. De VPB-eenheid berust op een 95%-bezitsvereiste (art. 15 Wet Vpb 1969) en gaat alleen in na een schriftelijk verzoek. Een groep kan in beide tegelijk zitten of in slechts één.

Stel uw verzoek fiscale eenheid btw op

Beoordeel de verwevenheid en stel de verzoekbrief met motivering op in een paar minuten.

€ 49 excl. btw voor de verzoekbrief in Word en PDF